dinsdag 11 juni 2019


Dinsdag 11-06-2019, 11.20 u.


Pinksteren 2019, je was mooi.


De pinksterdagen van 2019 zitten er weer op. Waar ik eerst bang was voor een lang en saai weekend, moet ik achteraf bekennen, dat het tegenovergestelde me is overkomen. Afgezien van de plensbuien en de storm op zaterdag, is het weer verder, echt Nederlands geweest. Af en toe een buitje, af en toe een zonnetje en veel grijze luchten, die overigens inspirerend kunnen werken op mijn, van ideeën overlopend brein.


Het hoofdgerecht van dit weekend, belde tijdens de lunch op 1e Pinksterdag. “Opa?”: wij gaan met de boot varen, ga jij mee? Of ik meega? Wat dacht je dan? Natuurlijk ga ik mee want gevaren had ik nog niet in het nieuwe speeltje van zoonlief en z’n meissie!


Overigens was ik dit weekend alleen omdat mijn lief eerder deze week, naar Barcelona was gegaan met een goede vriendin, voor een beetje sightseeing met culturele inslag. Aansluitend vertrok ze naar een festival in Emmen om het vrouwenweekend bij te wonen. Wij mannen gaan jaarlijks een weekend varen met de Elizabeth en de dames vonden, dat ze nu recht hadden op een “eigen” weekendje weg. Plan-technisch is het de dames niet echt gemakkelijk gemaakt en klimatologisch, was er ook enige verbetering wenselijk geweest.


Maar goed, op zondagmiddag belde dus de kleine kapitein en hij nodigde deze ouwe kapitein uit om samen met de grote kapitein, mee te gaan varen. Een half uurtje later, meerde de kleine kapitein af, bij opa aan de steiger. Zijn door de zon gebleekte haren, leken voorzien van high-lights en zijn knaloranje zwemvest, vormde een contrasterend geheel. Twee glimmende oogjes, gloeiend van trots, staken boven het zwemvest uit en het heldere stemmetje van de kleine kapitein vroeg, wat ik van “zijn” boot vond. Uiteraard treuzel je als ouwe kapitein dan niet te lang om aan boord te gaan want je bent wel benieuwd, waar die ruim 200 paarden in dat bootje nou verstopt zitten. Dat blijkt dus gewoon een fabel want in het bootje is geen knol te vinden maar er ligt wel een joekel van een motor in, die ervoor zorgt dat je met een bloedgang over het water kan marcheren.


De grote kapitein stuurde vakkundig, het kunststofmonster door de sluis, die op steenworp afstand ligt, van de ouwe kapitein zijn stulpje. Overigens vond de kleine kapitein, het allemaal machtig interessant en dat was duidelijk hoorbaar in de sluis, waar het flink galmt. Het idee dat er auto’s, motoren en vrachtauto’s boven onze hoofden reden, vond de kleine kapitein een raar gegeven. Als we de sluis die onder de A-15 doorgaat, uitkomen gaan we over bakboord (links dus voor de landrotten) richting de Vrouwenhemel om Meuzikken te tellen. De snelheid loopt zodanig op als de motor is warmgedraaid, dat het tellen van de Werkendammers, kansloos wordt, ze vliegen voorbij! Het kan Guus niet hard genoeg gaan maar zo langzamerhand begint de slaap hem te overmannen.


De kleine kapitein gaat over een kleine drie maanden naar school en zijn uitgebreide middagdutjes worden beperkt om hem alvast aan het nieuwe ritme te laten wennen. Maar ja, bij opa op schoot, met het monotone gebrom van de sterke motor om je heen en een aangenaam zonnetje op je bol, valt het niet mee om je luiken open te houden. Guus kukelde in slaap op opa zijn schoot en de ouwe kapitein en de grote kapitein, keken elkaar aan en ontmoeten elkaar met een vette knipoog. De Nieuwe Merwede daagt je uit om de gaskraan open te draaien want de breedte van het water, geeft overzicht en dus een stuk veiligheid.


Bij de Ottersluis draaiden we de Hollandse Biesbosch in en Guus liet aan de sluismeester weten dat hij niet van plan was om terug te zwaaien, waarbij een brede grijns op het gezicht van de sluismeester zich aftekende. Tenslotte mag je als kleine kapitein, een eigen mening hebben die niet altijd aan de verwachtingen voldoet. Op deze leeftijd kan en mag dat nog zonder dat er iemand zwaar beledigd is.


Door de Biesbosch, bij opa op het voordek, bleek eens te meer, dat Guus zijn waarnemingsvermogen, doorlopend op scherp staat. Hij hoort schapen blaten, ziet ze echter niet maar vraagt onmiddellijk waar ze zijn en die grote dode brasem, die voorbij drijft, stinkt volgens Guus naar “dooie vis” en zeg maar eens, dat het niet waar is. Hij praat honderduit en wil alles weten. “Waarom”, is nog steeds één van de meest gebruikte woorden, bij de kleine kapitein en elke vraag, eist eigenlijk een antwoord want veel ruimte om een vraag te negeren, is er niet.


Die anderhalf uur op deze zondagmiddag, zijn goud waard en ik kan de gedachte niet onderdrukken, dat er een paar mensen, glunderend vanaf de eeuwige jachtvelden, naar het tafereel hebben zitten kijken. Gloeiend van trots, net als ik.

Opa! Ik heb geen slaap.

donderdag 6 juni 2019


Donderdag 06-06-2019, 17.10 u.


Er zijn van die dagen…


Op een dag als vandaag, wint sentiment het altijd van mijn nuchtere verstand, voor zover ik daarover beschik. Per minuut vliegen tientallen creatieve opmerkingen, frases en ideeën, door mijn hoofd. Dit gaat echter zo snel, dat het onmogelijk is om ze op te schrijven. Voor ik zover ben, dat ik pen en papier bij de hand heb, zijn er al minimaal 15 tot 30 nieuwe flitsen, voorbij gekomen.


Inmiddels weet ik, dat ik niet “gek” ben maar dat mijn “gevoelsspiertje” heel veel “trillingen” opvangt. Eerst was dat vreemd voor mij maar langzaam wen ik er aan en schaam ik mij er ook niet meer voor. Het hoort bij mij en laat me weten, dat ik net iets dichter bij “de andere kant” sta, dan sommige andere mensen.


Gevolg is wel, dat de emotie mij soms op sleeptouw neemt en zorgt voor een tranendal, gevoed door zoete herinneringen. Zoete herinneringen, die in mijn beleving, zo mooi zijn, dat het onwaarschijnlijk is, dat het werkelijk zo ging.


Toen ik vanmiddag op het kerkhof was, had ik haast. Ik weet echter niet waarom maar het gevoel “haast” was onmiskenbaar. Je kunt wel het gevoel oproepen van het proosten op haar verjaardag maar het gevoel is zo kaal. Haar stem, haar glimlach, haar gedribbel om de glazen te vullen….het is er gewoonweg niet meer en ik ben naar huis gewandeld!


Wat er wel is en dat brengt dikke tranen, is de laatste keer dat ze welgemeend en warm “Ha, jongen!” tegen me zei. Ik hoor dit al een aantal jaren galmen in mijn hoofd en ik loop nu met natte ogen naar de koelkast, die ooit in haar keuken stond en haal er een nieuwe Hertog Jan uit. Ik krijg de neiging om in de bewolkte lucht, mijn stem “los te laten” en luidkeels te roepen: “Hé wijffie, waar ben je toch….?”.


Stomme opmerking natuurlijk maar het is mijn gevoel en ik heb van één van mijn beste vrienden Leen, geleerd, dat ik iemands gevoel, nooit mag miskennen. Mijn God als iedereen dat eens zou doen!


Graag zou ik een stap verder gaan in de spirituele wereld. Iedereen die je niet kwijt wil, blijft bij je, voor altijd. Zien en spreken is voor de meesten van ons, een serieus probleem en die vermogens, zou ik zo graag bezitten. Ik voel ze en weet wat ze zeggen maar zien en horen, doe ik ze niet.


Ben ik gek? Niet gekker dan jij of wie dan ook maar ik probeer er voor open te staan en soms, ben ik daar even, niet zo goed in! Vandaag is zo’n dag.



Donderdag 06-06-2019, 11.50 u.


D-day, herdenking en overpeinzing.


Het is opnieuw 6 juni en er zijn 75 jaar gepasseerd, na de inzet van massa’s jonge mensen, die ervoor zorgden dat de bevrijding van het toenmalige Duitse juk, begon. Het is ook de dag dat er 81 jaar geleden een meisje werd geboren met de voornamen Teuna Lena. Dit meisje, later mijn moeder, heeft altijd gevochten voor haar eigen bevrijding en ik hoop serieus, dat zij die bevrijding inmiddels heeft gevonden.


Eén ding weet ik zeker, ik heb het haar niet gemakkelijk gemaakt maar, zonder dit als excuus te gebruiken, denk ik, dat veel kinderen hetzelfde kunnen zeggen. Anderzijds hoop ik, dat zij net als ik, van haar kinderen heeft geleerd. Zelfs kleinkinderen kunnen je onderwijzen, heb ik ervaren, ook als ze nog klein zijn en wat onbeholpen in hun taalgebruik.


Als je ouder wordt, kom je ook tot de ontdekking, dat je vaker en meer op je ouders lijkt, dan je ooit had gehoopt en gedacht. Een aantal onhebbelijkheden, althans wat je als zodanig ervaart, zie je terug, bij een eerlijke, kritische blik, in de spiegel. En plots blijkt zo’n erfenis minder onhebbelijk dan voorheen, waarmee ik maar wil zeggen, dat nuanceren, creativiteit vraagt en heel veel ervaring.


Hoe ik ook gemopperd heb op dat kleine wijffie en de keren dat ik met kromme tenen ben weggegaan, van wat mijn eerste, echte thuis was, ik zou er een vermogen voor over hebben om samen, nog effe een “baksie met een koeksie” te doen. Haar stem nog even horen, de trekken om haar mond analyseren en proberen haar onrust weg te nemen. Een gedegen christelijke opvoeding en toch vond ze het prima als ik mijn handen “oplegde” om een stukje van die onrust weg te halen. Je kon er vergif op innemen dat ze na een dergelijke “behandeling”, een plaats opzocht om een tukkie te doen want dan was ze versleten.


Maar “das war einmahl” en ik zal het nu met herinneringen moeten doen en de stem die ik meen te herkennen in mijn gedachten. Voor mij zijn de begrippen “God” en “de hemel”, niet afgebakend door een dik boek, dat veel te vaak is herschreven naar de hand van (kerk)vorsten. Nee, mijn Grote Manitou en eeuwige jachtvelden, zijn anders terwijl ze in principe het zelfde zijn, er is niet zoveel verschil, maar, maak dat, grote delen van de bevolking maar eens wijs. Hierbij doel ik overigens niet op 1 religie maar op alle die geen ruimte laten voor “niet gelijke” opvattingen.


Vermoedelijk viert Ma samen met Papa, haar verjaardag rond een kampvuur met een ieder, die ze graag om zich heen had. Genietend van de zee, de wind en alles wat ze koesterde. En vandaag herdenk ik niet alleen haar maar alle anderen, waar 6 juni, een betekenisvolle dag voor was en is. Voor de één, een geboortedag en voor de ander, een sterfdag. Herinneringen sterven niet maar reizen voor altijd met je mee! Ma, proficiat, ik mis je en een knuffel van je eigen brombeer.