Dinsdag 09-01-2024, 10.35 u.
Dat is goed voor je!
Vorige week
donderdag mocht ik weer eens op mijn kleine tuttebel passen. Paps en mams aan
het werk en de kleine kapitein bij opa en oma in Gorinchem. Het was weer een
waar genoegen, al was het alleen maar omdat je geen last hebt van verveling als
Saar in de buurt is.
Die kleine
ratelaar maakt doorlopend geluid en er komt echt geen onzin uit, kan ik je
verklappen. Soms ben ik blij dat er niemand meeluistert omdat ik dingen “terug
krijg” waar ik niet op zit te wachten. Reflectie noemen ze dat en dat kan best
confronterend zijn. Zo confronterend als een rechtse directe recht op je
kokosnoot!
Eigenlijk zou ik
Saartje oppikken aan de doorgaande weg, maar ik was al vroeg wakker en besloot iets
eerder thuis te vertrekken waardoor ik haar gewoon thuis op kon halen. Gewoontegetrouw
wordt er op deze oppasdagen pas ontbeten als we bij opa thuis zijn omdat het
rete-gezellig is.
We liepen
saampjes, hand in hand, door het donker en mijn kleine tuttebel vroeg me waarom
ik niet met de auto was. Ik vertelde haar, dat de dokter bij mijn laatste
uitgebreide ziekenhuisbezoek had gezegd, dat ik meer moest proberen te lopen. Natuurlijk
volgt dan de vraag “Waarom?”. Je houdt het begrijpelijk voor een mini-mensje van
4 jaar oud en je verteld dat het volgens de dokter, beter voor je is. Voorlopig
einde van de wandeldiscussie!
Aan de
ontbijttafel kwamen best serieuze zaken ter sprake kan ik melden. Zo kwam het
over de combinatie van snelheid en gevaar en daar moet je niet te min over
denken. Saar vertelde dat papa een bekeuring had gehad omdat hij te hard had
gereden. “Tja, dan moet ie maar niet te hard rijden!”: was de conclusie van
Saar. Niet echt empathisch maar wel waar! Om er een educatief tintje aan te
geven, vertelde ik dat haastige spoed zelden goed is. Als je te hard loopt kun
je vallen en als je te hard fietst kun je ergens tegenaan botsen, oreerde ik. Klap
op de welbekende vuurpijl was: “En als je met de auto te hard rijd…” Ik wilde horen, dat
je dan een ongeluk kon krijgen maar Saar knalde er iets anders, niet minder
waar overigens, in. “Dan krijg je een bekeuring!”: riep mijn kleine tuttebel. De
dag was amper begonnen en de eerste lachstuipen waren al binnen.
Na de koffie en “wat”
snoepjes, kwam de vraag op tafel: “Wat eten we vandaag?”. De discussie hierover
was bijzonder uitgebreid want binnen een seconde of 20 had Saar besloten dat we
friet gingen eten met een kaassouffle. Einde van de eet-discussie (dacht ik)! “Dan
gaan we naar de winkel lopen opa”: zei Saar vol overtuiging en voor ik kon
zeggen dat het wel erg slecht weer was, riep ze: “Dat is goed voor je want dat
heeft de dokter gezegd!”
Die dokter nam vervolgens
een wat prominentere rol in, in ons gesprek want Saar wilde weten, wat die
dokter bij mij gedaan had. Ik vertelde haar van de dotterbehandeling en het
plaatsen van de stent en dat ik me daardoor al een stuk beter voelde. “Goed hè,
van die dokter?”: kwekte Saar en opnieuw klopte haar bewering als een zwerende
vinger, geen speld tussen de krijgen.
Vol enthousiasme
vertelde mijn oogappeltje, dat ze ook in het ziekenhuis was geweest en dat de
dokter haar “open gereerd” had aan haar duim. De littekens werden getoond met
de mededeling, dat die dokters best wel knap waren, dat ze dat allemaal konden
maken. Met een grijns op mijn gezicht en een zere buik van het lachen, gaf ik haar gelijk.
Op het moment, dat
het buiten even droog was, kiepte Saar haar limonade naar binnen en ze vloog
uit de startblokken om te gaan shoppen. Mijn herhaaldelijk aandringen om nog
even te gaan plassen voor vertrek, werd resoluut van de hand gewezen door de
jongedame. Vervolgens moest ik lopend de trappen af vanaf de 5e
etage want dat was zo goed voor me, volgens de dokter (zucht!).
De wandeling naar
de winkel was echt niet vervelend. Zelfs als ik blind geweest zou zijn, had
Saar me geleid en uitgebreid verteld, wat er allemaal op ons pad gebeurde. Grijnzende
passanten, die mij goedkeurend horen c.q. zien hummen en knikken, bevestigen
mijn goede humeur en de onuitwisbare glimlach op mijn gezicht, zou nog wel even
zichtbaar blijven.
We waren de winkel
nog niet binnen toen Saar angstig achterom keek met samengeknepen knieën. Een heel
benepen stemmetje meldde, dat ze moest plassen. Shit, had ik toch maar
volgehouden, dat ze naar de wc moest gaan maar helaas was dat nu onomkeerbaar. Aangezien
ik echt niet weet of er een klantentoilet is, vertelde ik Saar, dat ik dat even
moest gaan vragen. Toen was ze echter al “out of sight”, blijkbaar wist zij het
toilet wel te vinden maar ik kon haar dus nergens meer vinden. Personeel had al
lang gezien wat er gebeurde en wees mij lachend het toilet waardoor ik
opgelucht adem kon halen. Het is een rare gewaarwording als je zo’n wurm nergens
meer kan vinden in een winkel, waar ze alle kanten op kan zijn gegaan.
Na onze hereniging
gingen we dan toch de boodschappen in de kar laden en blijkbaar was er ruime
ervaring want Saar wist precies waar alles lag. Iets met vrouwen en shoppen,
schoot heel even door mijn gedachten. Binnen een scheet en een zucht waren de
frietjes, snacks, melk, karnemelk, 2 komkommers en moesappelen verzameld
waardoor ik dacht, dat we klaar waren. “Nee opa, we moeten nog ijs!”: werd me
verteld en vervolgens werd ik naar de witte Magnums geleid en 1 doos was niet
voldoende, het moesten er minimaal 2 zijn. Ze vertelde me dat als Guus ook kwam,
er niet genoeg ijs was, voor ons allemaal. “Ja Saar maar opa hoeft geen ijs.”:
zei ik tegen haar waarop ze terug kwaakte, dat ik er te dik van werd…. Dank je
Saar, ik ook van jou!
Terug bij het
wooncomplex werd me verteld, dat ik maar met de trap naar boven moest omdat het
….. juist, zo goed voor me is volgens de dokter. Hier heb ik gepast want met
een tas vol boodschappen, de trap oplopen lukt me nog nèt niet. Mijn kleine
tuttebel, had er maling aan en ging 5 verdiepingen omhoog met de trap. Ik zat
met mijn tas met boodschappen naast de lift, nog te happen naar lucht, toen
Saar lachend de trap op kwam lopen.
De ochtend was nog
niet eens verstreken en mijn tankje was al bijna leeg maar gelukkig hebben we spelletjes,
kleurboeken en een drumstel! Dag lieve Saar tot de volgende keer.