Maandag, 27-08-2018, 08.50 u.
De morgenstond heeft goud
in de mond.
De kleine
kapitein strooit steeds vroeger op de dag, zijn mooie uitspraken en
complimenten. Zijn cadeautjes worden steeds mooier en waardevoller omdat zijn
gezicht steeds meer “mee gaat praten”. Zijn mimiek wordt “sprekender” en je
kunt het “gewicht van de lading”, afwegen aan de uitdrukking in zijn fijne
gezichtje en mooie, heldere ogen.
Mama had nog
maar net haar hielen gelicht, toen hij de opdracht verzond, dat hij een
boterham wilde. Op mijn vraag “wat” hij wilde, werd zonder twijfel, “een
krentenbol” geantwoord. Hij was nog niet vergeten, dat ik hem dit gistermorgen
vertelde, dat hij nog een krentenbol over had, voor de maandag. Guus was dit
weekend bij Oma en Opa blijven logeren en natuurlijk worden er dan zaken in
huis gehaald waarvan we weten dat Guus, ze graag eet. Krentenbollen kun je Guus
onder begraven en hij eet zich er op zeker uit, net als pannenkoeken. Het
liefst met spek eronder, de kaas meegebakken en dan stroop er op. Van wie hij
de goesting naar dit soort lekkernijen heeft, weet ik niet want van mij, kan
hij dat echt niet hebben!?
Inmiddels is het
gewoonte geworden dat Guus naast me op het aanrecht zit als ik de boterhammen
smeer. Kletsen op niveau, zullen we maar zeggen want of je wil of niet, praten
doet hij doorlopend en gewoon knikken of hummen als antwoord, volstaat niet,
bij de kleine kapitein. Hij wenst “volwassen” antwoorden en blijft dus ook
doorvragen tot hij vindt, dat je je best hebt gedaan bij het beantwoorden van
zijn vragen.
Tot mijn
verbazing wenste mijn kleine vriend, pindakaas op zijn krentenbol en ik kon
mijn afkeuring, niet helemaal onderdrukken omdat het mij geen geweldige
combinatie leek. Uiteraard ontging Guus dat niet en hij verkondigde direct, dat
zijn vader pindakaas op de boterhammen deed en er dan hagelslag op “gooide”. Aangezien
ik weet, van wie, Guus zijn vader dat heeft, kon ik een glimlach niet
onderdrukken en zei tegen hem, dat ik zijn vader dan maar een gekke vent vond. “Dat
is toch niet lekker, bah. Wat een gekke vent!” : zei ik letterlijk.
De verontwaardiging
droop van Guus zijn gezicht en hij reageerde onmiddellijk en zonder nadenken.
Niet! Papa is geen gekke vent, hij is mijn beste vriend. Hij was serieus
beledigd en meldde nog even dat er pindakaas op beide helften van zijn
doorgesneden krentenbol moest. Zo dan, goedemorgen, het was tenslotte al vijf
over acht. Fijne dag verder, mijn glimlach kan al niet meer stuk.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten