Vrijdag, 23-03-2018, 11.15 u.
Beestje, ben je ziek?
In mijn fysieke
dagboek (zeg je dat zo?) zag ik zojuist, dat de laatste nieuwtjes van 28
november dateren. Bijna 4 maanden bleef het stil aan het “schrijffront”, de pen
lijkt nauwelijks beroerd in de tussenliggende tijd. Niets is minder waar echter
het meest werd toevertrouwd aan dit medium, de computer.
De computer
zorgt ervoor dat je de woorden sneller kwijt kunt en je ideeën niet kwijt kunt
raken omdat je nog driftig aan het schrijven bent over een eerder moment. En ondanks
het gehanteerde “tweevingersysteem”, waar ik in 1979 bijna om geslacht werd,
ben ik redelijk vlot. Oefening baart kunst, is in dit geval zeker op zijn
plaats. Misschien had ik moeten overwegen om steno te leren en op die manier te
zorgen dat mijn pen net zo snel kon zijn als mijn gedachten en andere creatieve
uitspattingen die “woordverwant” zijn.
Het is mijn
makke. Op het moment dat ik aan de uitwerking van een idee begin, wordt er
alweer een nieuw idee geboren en gaat alles door elkaar lopen. Daardoor blijven
er nogal eens niet afgemaakte, creatieve halfwassen, liggen. Vermoedelijk komen
ze nooit in een eindfase maar afstand nemen en weggooien, gaat me weer veel te
ver, het idee zit namelijk nog verankerd in mijn hoofd. Mijn fantasie is best
wel rijk maar de uitvoering laat nogal eens wat te wensen over. Zei ik
fantasie?
Al dagen zie ik
aan de overkant van het water waar ik aan woon, in de uitloper van het park,
een meeuw in het gras zitten. Zodra er een hond of wandelaars aankomen,
verdwijnt ze. Ik zie de meeuw niet wegvliegen of wegkruipen maar als de rust is
weergekeerd, zoekt ze de beschutting van de over of de luwte van een boom.
Omdat het al een
dag of 4-5 duurt, heb ik de opvatting dat het beest ziek is en mogelijk wacht
op de laatste ademtocht. Dit is echter een aanname die ik baseer op het
onnatuurlijke gedrag van de meeuw, waar ik een conclusie aan verbind die
mogelijk, de plank helemaal mis mept. Mocht ik echter gelijk hebben, vraag ik
me af waarom het dier zich niet overgeeft aan de grillen van Moedertje Natuur
en in alle rust gaat hemelen. Ach, waarom zou de meeuw? Wij mensen blijven ook
vechten tegen het onvermijdelijke en onze nazaten vermelden in een advertentie,
dat na een ongelijke strijd een geliefde, is heengegaan.
Voor een naaste,
waarschuwen we een arts en die laten we een (hopelijk) deskundige blik werpen.
Niet te hard want dan haalt de patiënt, de avond niet eens maar een blik die
mogelijk verlossing van de pijn of de klachten kan opleveren. Echter wat doen
we met “mijn” meeuw? Als fan van Guust Flater, die eveneens een meeuw als
huisdier had met de illustere naam “meeuwtje”, moet ik misschien wel iets voor
het diertje doen. Het beestje loopt ook niet gewoon maar het “hompelt” wat
ongelukkig door het gras.
De overweging om
de dierenambulance te bellen komt in mij op maar de beelden van de sterreclame
van de Stichting Dierenlot, weerhouden mij. Zwaar overtrokken beelden met
onjuiste commentaren, raken bij mij geen gevoelige snaar, alle echte
dierenliefhebbers ten spijt. Maar het gezicht van de reclame, haalde ooit bij mij
ten kantore, jaarlijks zijn nieuwe jachtakte en nu is hij plotseling weldoener
voor aangereden vossen en reekalfweesjes. Het lijkt de politiek wel, oftewel
liegen en bedriegen.
Terug naar “mijn”
meeuw. Indien ik een geschikt wapen had gehad, had ik de meeuw uit zijn lijden
kunnen verlossen maar ten eerste beschik alleen over een puddingbuks en daar
sla ik nog geen muis mee hemelen. Ten tweede zou de hele buurt over mij heen
rollen, bij een dergelijk "onmenselijke” daad terwijl men het vreselijk
vindt wat er in de Oostvaarderplassen gebeurd. Dilemma’s te over, zullen we
maar zeggen maar wat nu?
Ik ben er, denk
ik, wel uit. Ik zal een kaarsje branden en wat prevelementjes “ins blaue
hineinschicken”, zodat hulp van boven, de meeuw zijn pijn zal verzachten of het
dier behulpzaam is, bij een veilige
oversteek naar het hiernamaals. Meeuwtje, het ga je goed!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten